Bekostiging extra ondersteuning

De bekostiging van de extra ondersteuning kan op verschillende manieren vorm krijgen. Dit hangt af van het samenwerkingsverband waarbij uw school is aangesloten. Eén mogelijkheid is dat uw school hier eigen reguliere middelen voor inzet. Uw school besluit dan om in het kader van de leerlingenzorg middelen beschikbaar te stellen voor extra ondersteuning van leerlingen die dat nodig hebben. Denk aan het lesgeven in kleinere groepen, meer lesuren voor de mentor met de klas, specifieke trainingen, remedial teaching en huiswerkbegeleiding.

Er zijn ook mogelijkheden om bekostiging buiten de school te regelen. U doet dan voor een leerling een beroep op:

• Leerling gebonden financiering (lgf)
• Persoonsgebonden budget (pgb)
• Leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) en praktijkonderwijs (PrO)
• Een zorgbudget van het samenwerkingsverband.

Vooral bij lgf en pgb moet u het aanvraagtraject al inzetten vóórdat de betreffende leerling bij u op school begint.

Leerling gebonden financiering
Leerlingen die recht hebben op leerling gebonden financiering (lgf) of persoonsgebonden budget (pgb) maakten hier meestal ook al gebruik van in het basisonderwijs. Vaak krijgen ze ook ambulante begeleiding vanuit het Regionaal Expertisecentrum (REC). In overleg met de ambulant begeleider stelt u vast of er nog specifieke stappen gezet moeten worden om de overdracht goed te laten verlopen. Indien een leerling in het basisonderwijs nog geen lgf kreeg, dan moet u contact leggen met een REC.

Meer informatie over deze onderwerpen kunt u vinden op de websites:

•www.lcti.nl: informatie over de indicatiestelling en de indicatiecriteria leerling-gebonden financiering
•www.wecraad.nl: informatie over Regionale Expertise Centrums
•www.onderwijsconsulenten.nl: informatie over de onderwijsconsulenten van de Advies Commissie Toelating en Begeleiding
•www.oudersenrugzak.nl: informatie voor ouders
•www.pgb.cvz.nl: informatie over het persoonsgebonden budget.

Persoonsgebonden budget
In tegenstelling tot leerling gebonden financiering is het persoonsgebonden budget niet gekoppeld aan het onderwijs. Met een persoonsgebonden budget, ook wel PGB genoemd, krijgen mensen geld om zélf zorg in te kopen. Om te weten hoe dit geregeld is, kunt u contact opnemen met het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) in uw regio. Meer informatie vindt u ook op de website http://www.pgb.cvz.nl.

Het werkt als volgt:
• iemand vraagt een indicatie aan bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ)
• het CIZ stelt vast hoeveel zorg de aanvrager nodig heeft
• de aanvrager kiest tussen zorg in natura of een PGB
• het zorgkantoor kent het PGB toe
• het zorgkantoor stort het PGB op de bankrekening van de aanvrager
• de aanvrager koopt zorg in
• de aanvrager legt hierover verantwoording af
• de aanvrager betaalt niet uitgegeven geld terug aan het zorgkantoor.

Leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) en praktijkonderwijs (PrO)
Een school krijgt bekostiging van de zorg in het kader van leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) of praktijkonderwijs (PrO) op basis van het aantal leerlingen dat daartoe geïndiceerd is. Indicering vindt plaats op basis van vastgestelde testen. De leerling moet voldoen aan een aantal criteria die gelden voor IQ, leerachterstand en gedragskenmerken. Dat betekent dat u voor geldige testrapporten moet zorgen, die u voorlegt aan de regionale verwijzingscommissie (RVC) om een beschikking te krijgen. In veel samenwerkingsverbanden loopt dit traject via de permanente commissie leerlingenzorg (pcl). Deze commissie ziet erop toe, dat het dossier dat bij de RVC wordt ingeleverd voldoet aan de wettelijke eisen.

Het werkt als volgt:
• u laat testen afnemen en verkrijgt de testrapporten
• u stelt het dossier samen en stuurt dit naar pcl
• pcl vraagt indien nodig aanvullende informatie
• pcl stuurt het dossier door naar de RVC
• de RVC beoordeelt of het dossier voldoet aan de wettelijke eisen en geeft al dan niet een beschikking af. Doordat de RVC vaste dagen heeft waarop ze bijeenkomt, gaan er soms meerdere weken voorbij voordat u een indicering krijgt voor een leerling.
• Informeren van ouders en school van afkomst.

Uw school kan met de basisschool afspraken maken over de fasering van het aanvraagtraject. Zo kunt u overeenkomen dat u voor leerlingen, van wie het aan het begin van groep 8 al bekend is dat zij in aanmerking komen voor leerwegondersteunend onderwijs of praktijkonderwijs, het traject van indicering al voor de kerstvakantie in gang zet.

Zorgbudget van het samenwerkingsverband
Er zijn leerlingen die formeel niet voldoen aan de indicatiecriteria die de RVC hanteert, maar die volgens uw school wel zijn aangewezen op leerwegondersteunend onderwijs. Voor deze groep krijgt elk samenwerkingsverband een zorgbudget. Hoe dit budget verdeeld wordt, verschilt per samenwerkingsverband. Meestal doet een school via de pcl een beroep op een deel van dit zorgbudget.