Aanname
In de periode februari/maart vinden meestal de aanmeldingen plaats. Daarna zet uw school op een rijtje welke leerlingen worden aangenomen en welke niet. Er geldt officiële regelgeving rondom de toelating van leerlingen. Daarnaast houdt een gedegen aannamebeleid rekening met de volgende factoren:
• De toelatingscriteria staan vóór de gesprekken vast
• Het is duidelijk hoe uw school met ‘grensgevallen’ omgaat
• Uw school weet wat u leerlingen te bieden heeft en is daar duidelijk over.
Dit laatste punt is vooral belangrijk voor leerlingen die extra steun nodig hebben. Uw school moet vooraf weten welke ondersteuningsbehoefte er is en of uw school deze kan bieden. U stelt zichzelf de vraag of en op welke wijze u de gewenste steun kunt geven.
In veel gevallen betekent dit, dat de leerling leerwegondersteunend onderwijs krijgt. U doet dat een beroep op een vergoeding. Hiervoor heeft u een lwoo-indicatie nodig. U kunt de leerling aannemen, onder voorwaarde dat u voor het kind de lwoo-indicatie krijgt.
Grenzen aangeven
Soms neemt een school een leerling aan, terwijl ze eigenlijk de benodigde steun onvoldoende kan geven. Dit gebeurt bijvoorbeeld als een school in het kader van de regionale samenwerking wil voldoen aan de verplichting om geen leerlingen buiten de boot te laten vallen. Maak in een dergelijke situatie altijd vooraf aan de ouders duidelijk waar de grenzen liggen van de mogelijkheden van uw school. Uiteraard laat u de ondersteuning zo goed mogelijk zijn en kijkt u of de begeleidingsmogelijkheden vergroot kunnen worden en op welke manier dat kan.
Aangenomen leerlingen
Heeft u een leerling aangenomen, dan laat u dat weten aan de ouders en de toeleverende school. U stuurt de basisschool meestal enkele keren een lijst met de aangenomen leerlingen. Bij voorkeur doet u dat op drie momenten:
• een eerste overzicht in mei;
• een tweede overzicht in juli (laatste schoolweek)
• een derde, definitief, overzicht eind september.
Formeel kan een basisschool een leerling pas uitschrijven als een school in het voortgezet onderwijs de leerling heeft ingeschreven. Dat betekent dat de basisschool een probleem heeft, als een leerling in september nog steeds niet is ingeschreven in het voortgezet onderwijs. De drie meldingen helpen de basisschool om zicht te houden op de ontwikkelingen. Zo kunnen zij tijdig actie ondernemen als zij signaleren dat er plaatsingsproblemen zijn.
