Praktijkvoorbeelden primair onderwijs
Feitelijk gaat het hierbij om alle aspecten van de basisschool. Als we het meer toespitsen gaat het om de aandacht die de school heeft voor de ontwikkeling en in het verlengde daarvan het perspectief van de individuele leerling. Basisscholen maken daarbij gebruik van een leerlingvolgsysteem. Ze gebruiken dat vooral voor het bepalen van het niveau en maar nauwelijks voor het ontwikkelen van een perspectief. Dat geldt ook voor het advies van de basisschool voor het voortgezet onderwijs. De nadruk ligt op het niveau en deels wordt gekeken naar een match tussen de persoonlijkheid van de leerling (bijvoorbeeld met betrekking tot weerbaarheid) en de kenmerken van een specifieke school.
Verder gaat het hier om het toerusten van de leerling om voorbereid de overstap te kunnen maken. Met leerlingen wordt dan gesproken over de verschillen tussen de basisschool en het voortgezet onderwijs. Ook zijn er op een aantal scholen lessen over keuzes maken in het algemeen en het maken van de juiste schoolkeuze in het bijzonder. Lessen gericht op leren leren, op planningsvaardigheden en het gebruik van de agenda.
Voorbereiding op het voortgezet onderwijs
Basisscholen bereiden elk op hun eigen wijze hun leerlingen voor op de overstap naar het voortgezet onderwijs. In sommige regio’s worden daartoe handreikingen gedaan vanuit bijvoorbeeld een werkgroep po-vo of vanuit een school voor voortgezet onderwijs. Het kan dan gaan om een serie lessen in 7 en 8 over leren kiezen en over vaardigheden die in het voortgezet onderwijs van belang zijn bij het leren.
Praktijkvoorbeelden:
- De povo-map van het Stedelijk Lyceum Enschede
- De Utechtse Keuzelessen (zie halverwege de pagina op de betreffende site)
Kwaliteitskaart overgang primair naar voortgezet onderwijs
Uit de behoefte bij scholen en zorginstelligen om de afspraken rond de overdracht van leerlingen van het primair onderwijs naar het voortgezet onderwijs vast te leggen is de kwaliteitskaart ontwikkeld.
Er is gekozen voor de vorm van een ‘kwaliteitskaart’, omdat dit aansluit bij bestaande systemen van kwaliteitszorg die in het onderwijs gebruikt worden. Ook wordt hiermee benadrukt dat de verantwoordelijkheid voor een goede overdracht van de leerlingen bij de betrokken partijen ligt: PO en VO.
Er zijn twee verschillende kwaliteitskaarten: één kaart voor het primair onderwijs en één kaart voor het voortgezet onderwijs. Het is de bedoeling dat de mensen die uitvoerend werken aan de overgang van de leerlingen deze kaart kunnen gebruiken als hulpmiddel om te weten wat er van hen verwacht wordt.
Daarnaast kan de kaart jaarlijks worden ingevuld (indien mogelijk samen met de directie) om zicht te hebben op de eigen kwaliteit met betrekking tot de overdracht.
Praktijkvoorbeeld: Kwaliteitskaart
Extra (huiswerk-)begeleiding
Voor sommige leerlingen is de overstap of ook het maken van de Cito eindtoets dusdanig spannend, dat school en/of ouders extra begeleiding zoeken. Soms gaat het om particuliere instituten die huiswerkbegeleiding verzorgen en daarbij ook extra aandacht geven aan de overgang naar het voortgezet onderwijs in de vorm van brugklastraining. Soms organiseren scholen dat.
Praktijkvoorbeeld: Bright Brugklastraining
